Terug naar het overzicht

Toekomstgericht ondernemen is puzzelen

Het boerenbedrijf is als een puzzel van zo’n duizend stukjes. De stukjes passen perfect in elkaar, maar het plaatje dat dat oplevert lijkt achterhaald. Agrarisch ondernemers die toekomstgericht willen ondernemen, moeten blijven puzzelen aan voedselproductie. Door daarbij te luisteren naar wat er in de samenleving speelt, voorkomen ondernemers dat zij de regie verliezen.

Door: Bart Bremmer 

‘Burgers en politiek moeten zich niet met landbouw bemoeien’

De landbouw, en met name de veehouderij, is regelmatig het onderwerp van felle kritiek. Politiek, maatschappelijke organisaties en burgers bemoeien zich met de manier waarop er geboerd wordt, en stellen eisen aan de productiemethode. Men wil geen plofkippen meer, dieren moeten naar buiten, er mag geen antibiotica worden gebruikt en het kalf moet bij de koe.

Boeren verzuchten vervolgens dat iedereen zich tegenwoordig bemoeit met voedselproductie, en dat dat gebeurt zonder enige kennis van zaken. Het buiten laten lopen van dieren bijvoorbeeld brengen allerlei kosten en nadelen met zich mee. Niet alleen in financieel-economische zin, maar ook op het gebied van diergezondheid, dierenwelzijn, arbeid, volksgezondheid en milieu. De voordelen wegen totaal niet op tegen de nadelen. Partijen die eisen willen stellen aan agrarische  productie, moeten zich beter informeren; dan hebben ze heel wat minder te eisen, aldus de boeren.

Moeten we de veehouderij dan maar gewoon zo laten zoals die is?

Veehouders roepen dus ‘dat kan niet!’, en op het eerste gezicht lijkt dat terecht. Werken aan dierenwelzijn of milieu is vaak veel complexer dan dat burgers en politiek kunnen bedenken. Moeten we de veehouderij dan maar gewoon zo laten zoals die is?

Dat lijkt een wat te snelle conclusie. Een voorbeeld uit de kalverhouderij: in het verleden riepen boeren dat groepshuisvesting van vleeskalveren onmogelijk was, terwijl kalverhouders nu niet meer terug willen naar het systeem van de kistkalveren. Ook de invoering van de melkrobot ging met horten en stoten, en menig melkveehouder zal geroepen hebben: ‘dit kan niet’. Dus: wat ooit onmogelijk leek, is inmiddels gemeengoed. Dat geldt in ieder geval voor veel van deze ontwikkelingen.

Daarnaast verdienen de onmogelijkheden van vandaag ook enige nuancering. Er zijn namelijk veehouders die bewijzen dat varkens en kippen wel degelijk buiten kunnen lopen; dat het mogelijk is om te produceren zonder antibiotica; en dat het mogelijk is het kalf bij de koe te laten lopen.

Het boerenbedrijf als een puzzel

Als we het boerenbedrijf zien als een puzzel met duizend stukjes, zien we waar de moeilijkheid zit om te veranderen. Als het bedrijf goed functioneert, dan passen de stukjes heel mooi in elkaar en ontstaat een samenhangend plaatje. Ga je één enkel stukje veranderen, bijvoorbeeld door de dieren naar buiten te doen, dan klopt de puzzel niet meer. Om de puzzel weer kloppend te krijgen, moeten er allerlei andere stukjes verschoven, aangepast en vervangen worden; soms met een totaal ander eindplaatje tot gevolg.

Wanneer dieren buitenuitloop krijgen, dan moeten er veranderingen plaatsvinden in de stalinrichting, de arbeid, het voer, het type dier, het gezondheidsmanagement: allemaal stukjes die veranderen. En die hebben op hun beurt weer consequenties voor nog weer andere puzzelstukjes; ook buiten het bedrijf. Er is andere kennis nodig, misschien een andere dierenarts of andere voerleverancier, mogelijk wordt er geproduceerd voor een andere keten, etc.

Verder puzzelen aan een puzzel die perfect past?

Een verandering doorvoeren op een boerenbedrijf doe je dus niet zomaar. Zeker niet aangezien de puzzelstukjes de afgelopen jaren perfect passend zijn gemaakt. Alle onderdelen binnen en buiten het bedrijf sluiten voortreffelijk op elkaar aan, zodat er superefficiënt geproduceerd kan worden.

We hoeven dan ook niet onze vraagtekens te zetten bij het in elkaar passen van deze puzzel: veel beter dan dit krijg je het niet. Maar we kunnen wel onze vraagtekens zetten bij de principes en doelen die erachter schuil gaan. De roep om een duurzamere productie is er niet voor niets; die leeft in de samenleving. De vraag is of de boer niet krampachtig vasthoudt aan een puzzel die weliswaar perfect in elkaar past, maar die een plaatje oplevert dat uit de tijd is….

Het is de ondernemer die de puzzel moet leggen. Wanneer de samenleving of de politiek teveel met hun vingers aan de puzzelstukjes gaan zitten, gaat het fout. Maar om te voorkomen dat de politiek te dicht op de ondernemer gaat zitten, moeten  agrarisch ondernemers bij het puzzelen wel luisteren naar wat er in de samenleving speelt. Doen ze dat niet, dan wordt het initiatief van hen afgepakt en verliezen zij hun ruimte om te ondernemen.

Sleutelen aan een puzzel die af is en perfect past vraagt ondernemerschap, lef en creativiteit. Op die manier behoudt de ondernemer de regie in het puzzelen aan voedselproductie, en het creëren van verandering die ertoe doet voor hemzelf én voor de burger.

Geef een reactie